donderdag 14 november 2013

De Laatkomer

Dimitri Verhulst
Een man die dementie veinst, dat is een variant van 'le malade imaginaire'. In de novelle De laatkomer van Dimitri Verhulst laat verteller Désiré Cordier (74) al meteen weten dat hij een rol speelt, en dit zal hij telkenmale herhalen. Uit afkeer van zijn vrouw Moniek en haar 'verbale fusillades' heeft de gepensioneerde bibliothecaris Cordier deze laffe vlucht uit het burgermansbestaan bedacht.
Hij ziet in het tehuis een jeugdliefde terug, maar die is echt dement en een amoureuze herkansing is uitgesloten. Dan komt hij ook nog een iele tachtiger tegen, die krek als hij zo goed mogelijk acteert dat hij van het padje is. Dat had iets kunnen opleveren: zou iedereen een rol spelen? Maar Verhulst laat het bij die ene ontdekking.
Het wrange van Désirés ‘stervenskunst’ is de kracht van de roman. En passant neemt Verhulst zo, op een niet al te overdreven wijze, de bejaardenzorg op de hak. Waarmee hij het individuele verhaal extra schrijnend maakt, maar het tegelijk het persoonlijke laat ontstijgen.
Ik-verteller Désiré blijft moppen tappen en de schijn ophouden dat het zo beter is. Maar pijnlijk is de scène waarin zijn dochter voor haar gemoedsrust voorgoed afscheid komt nemen van haar vader, en hem vertelt – omdat hij wel ‘een geheim kan bewaren’ (au!) – dat zij haar man gaat verlaten: ‘Niet dat er vreselijke dingen zijn gebeurd tussen ons. Integendeel. Hij is het beste wat mij ooit overkomen is. Maar het is op.’
Kortom: zij neemt de stap wél op tijd. De veelzeggende reactie van Désiré: stilzwijgend blijft hij nonsens uitkramen. Dement doen.
De compositie maakt ook dat het uiteindelijk gaat schrijnen. Lezend moeten we concluderen dat Désiré in het slothoofdstuk toch wat rooskleurig vooruitblikt op zijn uitvaart. ‘Het is al sedert vele weken, ongetwijfeld, dat Moniek lijdt aan telefoonvrees’, noteert hij.
(We vragen ons af of Désiré aan het eind echt sterft, want dit blijft feitelijk “open”; we willen moeite doen hier de auteur over te benaderen!)

woensdag 11 september 2013

De Leesclub

Renate Dorrestein

Zeven vriendinnen die samen een leesclub vormen en al jaren in bibliotheken literaire avonden organiseren, willen de Nederlands topauteur Gideon de Wit wel eens helemaal voor zichzelf hebben. Dus boeken ze de literaire cruise ‘In de geest van Moby Dick’ met Gideon de Wit in de rol van Kapitein Ahab. Dat het avontuur niet goed afloopt, blijkt al op de eerste pagina van De leesclub. De vriendinnen blijken zich in een rechtszaal te bevinden, waar ze zich moeten verantwoorden voor de dood van ‘de auteur van een van de spraakmakendste oeuvres van deze eeuw én de vorige.’
Gideon de Wit is geknutseld uit losse onderdeeltjes van een reeks schrijvers, Harry Mulisch, Cees Nooteboom, Arnon Grunberg, Thomas Rosenboom, A.F.Th. van der Heijden, Maarten ’t Hart en anderen, terwijl de vrouwen wel een karikatuur vormen, maar van niemand in het bijzonder. Hoogstens van anonieme vrouwen van middelbare leeftijd die van lezen houden en literaire avonden bezoeken. Voor hen is dit boek bedoeld, zo blijkt uit een interview met zichzelf dat Renate Dorrestein in de roman heeft opgenomen.

Voor de rechter doen zij hun verhaal. Vol verwachting waren ze, met wat dozen Famous Grouse whisky en Gideon als reisgids, begonnen aan een literaire cruise ‘in de geest van Moby Dick’ langs de Schotse kust. Het werd een reis vol decepties. De regen en wind, de aftandse kotter, het eten (koolrapen): daar was nog overheen te komen, evenals het feit dat hun literaire held beduidend ouder en dikker bleek dan de foto’s op de achterkant van zijn boeken deden vermoeden. Moeilijker werd het toen het schip water ging maken ('Al Gods schepselen moeten sterven. Maar we waren pas halverwege de Russische Bibliotheek') en de schrijver overboord sloeg. Uiteraard waren de dames hem achternagesprongen… De schrijfster is goed op dreef in deze onderhoudende, doldwaze komedie, die van begin tot eind heerlijk ‘over the top’ is. Een ode aan leesclubs, lezen en literatuur waarin tegelijkertijd alles en iedereen op de hak wordt genomen, maar waaruit de leesclubmutsen fier en ongeslagen tevoorschijn komen. Achterin, met een vette knipoog, een leesdossier met een interview met de auteur, aantekeningen over Schotland en discussiepunten.

maandag 6 mei 2013

De Toeschouwer

Charlotte Link


Hij observeert ze dag en nacht. Vrouwen die hij niet kent. Uit de verte slaat hij de mooie Gillian Ward gade. Een succesvolle vrouw, gelukkig getrouwd, moeder van een reizende dochter: hij idealiseert haar. Totdat hij erachter komt dat hij tegen een façade aankijkt en niets is wat het lijkt. Gelijktijdig schrikt een serie van drie moorden Londen op. De slachtoffers zijn drie alleenstaande vrouwen, op een raadselachtige, sadistische wijze omgebracht. De politie is op zoek naar de psychopaat die dit op zijn geweten heeft. Een gestoorde man. Een zieke man. Een man die vrouwen haat.

De toeschouwer is geschreven vanuit meerdere personages die geheel los staan van elkaar. Langzaamaan komen de personages bij elkaar en blijken er veel meer connecties te zijn dan dat je in het begin zou vermoeden. De personages zijn stuk voor stuk goed uitgewerkt door Charlotte Link, allemaal met een heel andere achtergrond en de karakters zijn zo beschreven dat je jezelf als lezer het type voor de geest kunt halen. De toeschouwer is qua verhaal een leuk boek om te lezen, er gebeurt genoeg en het is vlot geschreven.
In het begin word je met zoveel personages tegelijk om de oren geslagen dat het verhaal wat onsamenhangend wordt.
De spanning heeft Charlotte Link goed gedoseerd en opgebouwd. De ontknoping is zoals je mag verwachten van een goede thriller, verrassend en onvoorspelbaar.

woensdag 10 april 2013

De vliegenvanger

Ravelli
Toen we over het boek spraken ,waren de meningen erg verdeeld. De een vond het helemaal niets,een boek vol toevalligheden en cliché's en wel erg gemakkelijk geschreven. De ander vond het juist goed en gemakkelijk leesbaar.Je pakt het boek makkelijk weer op.
Al pratend vonden we toch wel grappige dingen in het boek. Zeker de naamgeving van personen.
De levensgeschiedenis van Peter Waanders werd verteld op een manier die ertoe leidde dat je Peter toch wel een vrijbuiter kunt noemen. Als het te heet onder zijn voeten werd(vooral bij liefdesperikelen),nam hij de benen en beleefde zo weer een ander avontuur.De laatste jaren van zijn leven was hij tot rust gekomen en zette zich in voor de mensen.
Aan het eind van de avond konden we niet zo goed uit de voeten met de tekst:

Mijn naam is M.Ravelli.Ik ben bedrogen.
Twee mannen hebben mijn naam gestolen.
Ik hield van de één,,dit was het verhaal van de ander.
Nu rest mij nog de geschiedenis te vertellen van mijn geliefde.

Is M.Ravelli misschien Rick Felderhof?
De ene man Peter Linders?
De andere man Peter Waanders?
En is die geliefde Andreas?

Het blijft gissen.
(Lucie)

dinsdag 26 februari 2013

Een lang weekend

Joyce Maynard


Ontroerend, hartverscheurend en aandoenlijk dat zijn de woorden die bij me opkomen als ik het boek dichtsla. Joyce Maynard, heeft op een voortreffelijke manier een kwetsbare en gevoelige puber neer gezet, die in één weekend meer leert dan sommigen in hun hele leven. Tel daarbij een aangenaam spannend verhaal, kleurrijke personages en een prettige schrijfstijl op en je kan niet anders zeggen dan dat Een lang weekend een prachtig boek is.
Een verhaal over liefde, schrijnende puberteit, brandende passie en verwoestend verraad. In een terugblik neemt JM de lezer mee naar de gebeurtenissen van een lang, allesbepalend weekend, gezien door de ogen van een dertienjarige jongen en de man tot wie hij zal uitgroeien. 
Henry leert in het lange Labor Day-weekend een aantal waardevolle levenslessen: het geheim van een perfecte taartbodem, hoe je een honkbal werpt, de adembenemende pijn van jaloezie en het belang om anderen, en dan vooral degenen die we liefhebben, boven onszelf te plaatsen. En de wetenschap dat echte liefde de moeite van het wachten waard is.
De drie hoofdrolspelers uit dit boek zijn heel verschillend, met hun eigen merkwaardigheden, door het leven getekend als het ware. Je wilt vanaf de eerste pagina's weten hoe ze geworden zijn wie ze zijn, en vooral hoe het verder met ze zal gaan.
Een spannende page-turner, een boek over de liefde en een prachtige coming of age roman. De filmrechten zijn inmiddels al verkocht.

dinsdag 29 januari 2013

Suikertand

Ian Mc Ewan

Lees je de eerste twee zinnen van ‘Suikertand’, dan weet je al veel over de nieuwe Ian McEwan. Denk je. Want op wat klinkt als de aanhef van een donkere thriller in het Britse spionnenmilieu volgt iets heel anders. ‘Suikertand’ is een roman waarin McEwan de tijd neemt (of toch vierhonderd bladzijden) om zijn lezers op het verkeerde been te zetten.
Algemene mening: Het was moeilijk door te ploegen en ik moet toegeven dat ik meer dan honderd bladzijden heb moeten doorwerken en ik betwijfelde of ik het einde wel zou halen. Het boek is doorspekt met passages uit andere boeken en publicaties. Met veel woorden verhalend over die tijd en alle facetten politiek en economisch. Een broeierig Engeland in de ban van terrorisme. Het is in de nabeschouwing een verhaal over iemand (Serena) die graag in de liefde wil geloven.

dinsdag 13 november 2012

Recht op terugkeer

Leon de Winter
De geschiedenis van het Midden Oosten is deprimerend, ook de toekomst ziet er in Het recht op terugkeer niet hoopgevend uit. De bewoners van Israel, ‘het Joodse landje [dat] was ineengekrompen tot een stadsstaat met de oppervlakte van Tel Aviv plus een zandbak’, leven voortdurend in angst. En ‘de Palestijnen waren weliswaar bezig de Joden te verslaan, maar hun overvolle land bood geen werk, geen toekomst, geen hybride auto’s’. De Winter laat in deze roman zijn betrokkenheid zien bij de Joodse zaak, maar de politieke situatie is ondergeschikt aan het verhaal.
We maken kennis met de hoofdpersoon Bram Mannheim in 2024. Hij woont in Israel en werkt bij ‘de bank’, een opsporingsbureau voor verdwenen kinderen. In de vorm van langeflashbacks komen we erachter hoe hij in deze woon- en werksituatie is beland. Eerst gaan we terug naar het jaar 2004: Bram leeft ook dan al in Israel met zijn vrouw Rachel en hun pasgeboren baby Bennie. Hij werkt aan de universiteit. Nadat Bennie een aanslag op zijn crèche net heeft overleefd, besluit het gezin naar Amerika te gaan, waar Bram bij Princeton kan werken. In het huis dat ze daar betrekken, voelt Bram zich niet veilig. Zijn angst is, blijkt vier jaar later, terecht: Bennie is, in enkele minuten onoplettendheid, verdwenen. Hoe dit kon gebeuren, blijft voor zowel Bram als de lezer een lange tijd onduidelijk.
Prettig geschreven, een spannende roman die u een klein beetje laat nadenken over een aantal thema’s in een pessimistische toekomstvisie

Pagina's