donderdag 30 januari 2014

Het smalle pad van de liefde

Vonne van der Meer
Een Nederlands gezin brengt al jaren de zomer door bij een Frans-Nederlands gezin, dat na de dood van het jongste kind in de Auvergne is gaan wonen. Mae en Pieter Akkerman zijn de vrienden van na het ongeluk, de precieze toedracht ervan kennen ze niet. De vriendschap tussen de families lijkt er een voor het leven - tot die zomer.
Als de twee paren in elkaar gezelschap waren, hing er iets verliefderigs in de lucht. Net genoeg om hun het gevoel te geven dat ze gevieren aantrekkelijker, grappiger en leniger van geest waren dan als paar.
Het smalle pad van de liefde is een verhaal over een onmogelijke liefde die de weg vrijmaakt naar een ander verlangen. Een van de zeldzame boeken in onze tijd waarin van binnenuit een religieus ontwaken wordt verbeeld.

Het smalle pad van de liefde is een mooie, sensitieve roman waarin rouw, overspel en geloof onverwacht in elkaar grijpen.
Vonne van der Meer schreef een roman over verlies en over liefde, maar ook over schuld en boete. Over hoe mensen op zoek gaan naar iets buiten zichzelf, naar vergeving en zingeving in een maatschappij waarin dat niet meer zo vanzelfsprekend is. Hiermee geeft ze haar verhaal diepgang en een extra dimensie, waardoor je als lezer wordt uitgedaagd je werkelijkheid met andere ogen te bekijken.

vrijdag 20 december 2013

Alsof het voorbij is

Julian Barnes
De Britse schrijver Julian Barnes en vertaler Ronald Vlek hebben met de roman Alsof het voorbij is de Europese Literatuurprijs gewonnen. Dat laat uitgeverij Atlas-Contact in een persbericht weten. Zowel auteur als vertaler winnen de prijs voor de beste Europese roman van 2011.

De vakjury van de prijs, waar Tweedekamerlid Frans Timmermans (PvdA), schrijver en Groene-journalist Joost de Vries, Hoogleraar Ton Naaijkens en boekhandelaars Monique Oosterhout en Herm Pol aan toebehoren, noemt Alsof het voorbij is in het juryrapport ‘even kalm [..] als verontrustend, even melancholiek als komisch’: (NRC)

Het grootse van de middelmaat
Het verhaal is eenvoudig, en die eenvoud is meteen waar het verhaal om draait. Drie vrienden, onder wie ik-verteller Tony Webster, krijgen op de middelbare school gezelschap van de wat zonderlinge nieuwkomer Adrian Finn. Ze zijn zestienjarigen van een specifiek type: vervuld van grote woorden, grote verwachtingen, ontleend aan Grote Literatuur. Onderling en in de les schermen ze met citaten en filosofische ideeën.

Natuurlijk weten ze dan nog niet dat het leven hoogstwaarschijnlijk niet groots en meeslepend zal uitpakken. Iedere zestienjarige meent immers de uitzondering te zijn op de regel, op het gemiddelde, de middelmaat. Maar ze weten ook niet hoe ontzettend gelijk ze hadden, tegelijkertijd. Dat grote woorden wel degelijk van toepassing zijn, alleen niet op de manier waarop je denkt of hoopt. De middelmaat van het gewone leven kan even ernstig lijden opleveren als een groots en meeslepend leven middelmatig kan zijn.
Het is een middelmatig leven, niet de moeite van het vertellen waard. Vriendschap die verwatert, het eerste vriendinnetje, huwelijk, kind, scheiding, pensioen. Een opeenstapeling van feiten, niets meer niets minder.
Uiteindelijk is alles onbetrouwbaar: de tijd, het geheugen, de geschiedenis en bovenal jezelf, als punt waarin deze abstracte begrippen concreet tot uiting komen. We zijn allemaal onbetrouwbare vertellers, daar blijft Barnes in al zijn boeken steeds op hameren. Wat blijft er dan nog over om te weten? In de eerste scène en in de laatste zinnen – of eigenlijk andersom, in de laatste zinnen en dan weer in de eerste scène – staat het er even terloops als treffend. Er is onrust, dan wel grote onrust. Of wellicht kun je alleen stellen: 'Er heeft iets plaatsgevonden.' Maar wat? Niemand die het weet of kan achterhalen. Niemand die niet beseft dat hij het niet weet. Dat is verontrustend, ja. Verontrustend goed.

woensdag 27 november 2013

De afrekening

Heleen van der Kemp

Verrassend!!... Het plot dat Van der Kemp heeft bedacht voor 'Afrekening' is prachtig doordacht, erg bizar, maar zo geloofwaardig neergezet!
Neemt iemand hier het recht in eigen handen?
Op de voorkant van het boek staat geschreven: Hoe ver ga jij als je kind wordt vermoord? En dat is precies de vraag waar het boek over gaat. De in Blond 15 geïntroduceerde rechercheur Britt Franken wordt ingeschakeld na de brute moord op Luuk Gerritsen. Gerritsen, een zware crimineel, is geëxecuteerd door zijn moordenaar. Op vergelijkbare wijze vallen er meer slachtoffers. Met 1 overeenkomst: de slachtoffers zijn allemaal schuldig bevonden aan het doden van een mens en hebben een relatief lage gevangenis – en / of werkstraf gekregen. Maar alle ouders van de omgekomen (volwassen) kinderen hebben een alibi voor het tijdstip van de moord op de moordenaar van hun kind. En de moorden zijn aangekondigd door middel van een advertentie in de krant. Het recht heeft gezegevierd, Viva Justitia.

In een sneltreinvaart neemt Van der Kemp de lezer mee haar verhaal in. Het krantenartikel aan het begin van het boek onderstreept de rauwe emoties van de ouders wanneer zij hun kind verliezen en de dader er met een lichte straf vanaf komt. Deze emotie zit verwerkt in het hele boek. Hoe moeilijk is het als ouder om je leven weer op te pakken. En hoe moeilijk wordt het als je het gevoel hebt dat de dader niet echt gestraft is en jij voor het gevoel levenslang hebt gekregen. De discussie over de strafmaat die in Nederland bij tijd en wijle opduikt heeft Van der Kemp in dit boek goed verwerkt.

De moorden in 'Afrekening' zitten op complexe wijze in elkaar. Al snel ga je je afvragen wie of wat Justitia precies is. Als lezer krijg je enkele aanwijzingen, maar pas tegen het einde van het boek weet je voldoende om serieuze vermoedens te krijgen. Dit boek werkt met een enorme spanningsboog toe naar een geniaal einde. Alle gebeurtenissen zijn tot in de details doordacht. Dat maakt het leuk om zelf mee te speuren met Britt Franken. Je krijgt elke keer net niet genoeg informatie om haar voor te zijn, waardoor dit een echte wodunnit blijft tot het einde. Je kunt zelf meepuzzelen zonder dat einde voorspelbaar wordt. Een geweldig boek, dat de echte thrillerliefhebber niet mag missen.

donderdag 14 november 2013

De Laatkomer

Dimitri Verhulst
Een man die dementie veinst, dat is een variant van 'le malade imaginaire'. In de novelle De laatkomer van Dimitri Verhulst laat verteller Désiré Cordier (74) al meteen weten dat hij een rol speelt, en dit zal hij telkenmale herhalen. Uit afkeer van zijn vrouw Moniek en haar 'verbale fusillades' heeft de gepensioneerde bibliothecaris Cordier deze laffe vlucht uit het burgermansbestaan bedacht.
Hij ziet in het tehuis een jeugdliefde terug, maar die is echt dement en een amoureuze herkansing is uitgesloten. Dan komt hij ook nog een iele tachtiger tegen, die krek als hij zo goed mogelijk acteert dat hij van het padje is. Dat had iets kunnen opleveren: zou iedereen een rol spelen? Maar Verhulst laat het bij die ene ontdekking.
Het wrange van Désirés ‘stervenskunst’ is de kracht van de roman. En passant neemt Verhulst zo, op een niet al te overdreven wijze, de bejaardenzorg op de hak. Waarmee hij het individuele verhaal extra schrijnend maakt, maar het tegelijk het persoonlijke laat ontstijgen.
Ik-verteller Désiré blijft moppen tappen en de schijn ophouden dat het zo beter is. Maar pijnlijk is de scène waarin zijn dochter voor haar gemoedsrust voorgoed afscheid komt nemen van haar vader, en hem vertelt – omdat hij wel ‘een geheim kan bewaren’ (au!) – dat zij haar man gaat verlaten: ‘Niet dat er vreselijke dingen zijn gebeurd tussen ons. Integendeel. Hij is het beste wat mij ooit overkomen is. Maar het is op.’
Kortom: zij neemt de stap wél op tijd. De veelzeggende reactie van Désiré: stilzwijgend blijft hij nonsens uitkramen. Dement doen.
De compositie maakt ook dat het uiteindelijk gaat schrijnen. Lezend moeten we concluderen dat Désiré in het slothoofdstuk toch wat rooskleurig vooruitblikt op zijn uitvaart. ‘Het is al sedert vele weken, ongetwijfeld, dat Moniek lijdt aan telefoonvrees’, noteert hij.
(We vragen ons af of Désiré aan het eind echt sterft, want dit blijft feitelijk “open”; we willen moeite doen hier de auteur over te benaderen!)

woensdag 11 september 2013

De Leesclub

Renate Dorrestein

Zeven vriendinnen die samen een leesclub vormen en al jaren in bibliotheken literaire avonden organiseren, willen de Nederlands topauteur Gideon de Wit wel eens helemaal voor zichzelf hebben. Dus boeken ze de literaire cruise ‘In de geest van Moby Dick’ met Gideon de Wit in de rol van Kapitein Ahab. Dat het avontuur niet goed afloopt, blijkt al op de eerste pagina van De leesclub. De vriendinnen blijken zich in een rechtszaal te bevinden, waar ze zich moeten verantwoorden voor de dood van ‘de auteur van een van de spraakmakendste oeuvres van deze eeuw én de vorige.’
Gideon de Wit is geknutseld uit losse onderdeeltjes van een reeks schrijvers, Harry Mulisch, Cees Nooteboom, Arnon Grunberg, Thomas Rosenboom, A.F.Th. van der Heijden, Maarten ’t Hart en anderen, terwijl de vrouwen wel een karikatuur vormen, maar van niemand in het bijzonder. Hoogstens van anonieme vrouwen van middelbare leeftijd die van lezen houden en literaire avonden bezoeken. Voor hen is dit boek bedoeld, zo blijkt uit een interview met zichzelf dat Renate Dorrestein in de roman heeft opgenomen.

Voor de rechter doen zij hun verhaal. Vol verwachting waren ze, met wat dozen Famous Grouse whisky en Gideon als reisgids, begonnen aan een literaire cruise ‘in de geest van Moby Dick’ langs de Schotse kust. Het werd een reis vol decepties. De regen en wind, de aftandse kotter, het eten (koolrapen): daar was nog overheen te komen, evenals het feit dat hun literaire held beduidend ouder en dikker bleek dan de foto’s op de achterkant van zijn boeken deden vermoeden. Moeilijker werd het toen het schip water ging maken ('Al Gods schepselen moeten sterven. Maar we waren pas halverwege de Russische Bibliotheek') en de schrijver overboord sloeg. Uiteraard waren de dames hem achternagesprongen… De schrijfster is goed op dreef in deze onderhoudende, doldwaze komedie, die van begin tot eind heerlijk ‘over the top’ is. Een ode aan leesclubs, lezen en literatuur waarin tegelijkertijd alles en iedereen op de hak wordt genomen, maar waaruit de leesclubmutsen fier en ongeslagen tevoorschijn komen. Achterin, met een vette knipoog, een leesdossier met een interview met de auteur, aantekeningen over Schotland en discussiepunten.

maandag 6 mei 2013

De Toeschouwer

Charlotte Link


Hij observeert ze dag en nacht. Vrouwen die hij niet kent. Uit de verte slaat hij de mooie Gillian Ward gade. Een succesvolle vrouw, gelukkig getrouwd, moeder van een reizende dochter: hij idealiseert haar. Totdat hij erachter komt dat hij tegen een façade aankijkt en niets is wat het lijkt. Gelijktijdig schrikt een serie van drie moorden Londen op. De slachtoffers zijn drie alleenstaande vrouwen, op een raadselachtige, sadistische wijze omgebracht. De politie is op zoek naar de psychopaat die dit op zijn geweten heeft. Een gestoorde man. Een zieke man. Een man die vrouwen haat.

De toeschouwer is geschreven vanuit meerdere personages die geheel los staan van elkaar. Langzaamaan komen de personages bij elkaar en blijken er veel meer connecties te zijn dan dat je in het begin zou vermoeden. De personages zijn stuk voor stuk goed uitgewerkt door Charlotte Link, allemaal met een heel andere achtergrond en de karakters zijn zo beschreven dat je jezelf als lezer het type voor de geest kunt halen. De toeschouwer is qua verhaal een leuk boek om te lezen, er gebeurt genoeg en het is vlot geschreven.
In het begin word je met zoveel personages tegelijk om de oren geslagen dat het verhaal wat onsamenhangend wordt.
De spanning heeft Charlotte Link goed gedoseerd en opgebouwd. De ontknoping is zoals je mag verwachten van een goede thriller, verrassend en onvoorspelbaar.

woensdag 10 april 2013

De vliegenvanger

Ravelli
Toen we over het boek spraken ,waren de meningen erg verdeeld. De een vond het helemaal niets,een boek vol toevalligheden en cliché's en wel erg gemakkelijk geschreven. De ander vond het juist goed en gemakkelijk leesbaar.Je pakt het boek makkelijk weer op.
Al pratend vonden we toch wel grappige dingen in het boek. Zeker de naamgeving van personen.
De levensgeschiedenis van Peter Waanders werd verteld op een manier die ertoe leidde dat je Peter toch wel een vrijbuiter kunt noemen. Als het te heet onder zijn voeten werd(vooral bij liefdesperikelen),nam hij de benen en beleefde zo weer een ander avontuur.De laatste jaren van zijn leven was hij tot rust gekomen en zette zich in voor de mensen.
Aan het eind van de avond konden we niet zo goed uit de voeten met de tekst:

Mijn naam is M.Ravelli.Ik ben bedrogen.
Twee mannen hebben mijn naam gestolen.
Ik hield van de één,,dit was het verhaal van de ander.
Nu rest mij nog de geschiedenis te vertellen van mijn geliefde.

Is M.Ravelli misschien Rick Felderhof?
De ene man Peter Linders?
De andere man Peter Waanders?
En is die geliefde Andreas?

Het blijft gissen.
(Lucie)

Pagina's